In januari 2026 zetten toezichthouders én sector opnieuw de schijnwerpers op de aflossingsvrije hypotheek. De kern: ondanks jarenlange afbouw is nog steeds circa 45% van de totale Nederlandse hypotheekschuld (deels) aflossingsvrij. Tegelijk loopt een groot deel van deze contracten geconcentreerd af in de periode 2035-2040 (AFM) en nog specifieker 2035-2038 én 2047-2052 (DNB). Dat maakt het onderwerp voor adviseurs nu al actueel: wie te laat begint, ontdekt pas op (of vlak voor) de einddatum dat herfinanciering of aflossen niet meer vanzelfsprekend is.
In Kifid-uitspraak 2026-0025 (bindend advies, 9 januari 2026) stond een klassiek spanningsveld centraal bij rechtsbijstandverzekeringen: wat gebeurt er als de polisvoorwaarden een pro-rata kostenverdeling (op basis van “belanghebbenden”) mogelijk maken, maar de verzekeraar tussentijds per e-mail zonder voorbehoud bevestigt dat het volledige kostenmaximum geldt?
De VvE meende dat zij recht had op het volledige kostenmaximum van € 50.000 aan externe advocaatkosten. De verzekeraar vond dat er meerdere belanghebbenden waren (o.a. individuele appartementseigenaren), en wilde daarom het maximum pro rata toepassen (feitelijk: 1/5e).
Florius maakt het met de introductie van ‘Kopieën’ voor adviseurs mogelijk dat zij klantcommunicatie -zoals aan de klant verstuurde, gedigitaliseerde brieven- kunnen inzien. Uiteraard alleen wanneer de klant hiervoor toestemming heeft gegeven. Hiermee komt de hypotheekverstrekker tegemoet aan een belangrijke behoefte van het intermediair. De introductie van Kopieën is het startschot voor het nieuwe Actief Beheer waarbij de adviseur tijdens de beheerfase zelf aan het roer staat.
In Kifid-uitspraak 2026-0026 (bindend advies, 9 januari 2026) stond een klassiek (maar in de praktijk vaak onderschat) discussiepunt centraal: wat is nu precies “de afspraak” over woonlasten/maandlasten, en hoe bewijs je die afspraak achteraf? De consumenten vonden dat het hypotheekadvies niet voldeed aan hun “niet-onderhandelbare” eis: de totale woonlasten moesten lager zijn dan hun eerdere huur. De adviseur verweerde zich vooral met het dossier: klantprofiel, inventarisatie en adviesrapport waarin een maximale (netto) hypotheeklast van € 2.800 was vastgelegd.
Het verzamelbesluit pensioentransitie heeft een aantal openstaande zaken rondom de pensioentransitie geadresseerd. Dit besluit maakt de uitvoering van de transitie op een aantal punten eenvoudiger. Het besluit kent verschillende data van inwerkingtreding, waarvan één met terugwerkende kracht. Sinds 1 januari 2026 geldt dat alle onderdelen in werking getreden zijn.
Erflater bezit een bank- en spaarrekening waarover rente wordt vergoed. Daarnaast bezit erflater een box 3-woning die wordt verhuurd. Op 1 oktober komt erflater te overlijden. De rente over de banktegoeden van de erflater wordt pas op de eerste werkdag van het kalenderjaar volgend op het overlijdensjaar bijgeschreven op de bankrekening, maar heeft een rentedatum van 31 december. Daarnaast worden de maandelijkse huurtermijnen betaald voorafgaand aan de maand waarop de huur ziet. De huur over de maand oktober is zodoende in september van het betreffende jaar betaald aan erflater. Erflater heeft geen testament opgesteld. De erfgenamen maken zowel voor zichzelf als namens de erflater voor het overlijdensjaar gebruik van de tegenbewijsregeling voor box 3.
Sinds 2013 is een eigenwoningschuld (EWS): een schuld die is aangegaan voor de verwerving, verbetering of onderhoud van de eigen woning en die volgens een contractueel aflossingsschema ten minste annuïtair (dus annuïtair of lineair) in maximaal 360 maanden wordt afgelost.
Als een klant daarvoor al een EWS had, dan kan deze klant tot op de dag van vandaag onder voorwaarden gebruik maken van het overgangsrecht. Als we het hebben over een EWS onder het overgangsrecht, dan spreekt de wet over een ‘bestaande eigenwoningschuld’ (BEWS), gaat het over een EWS onder het nieuwe (huidige) recht, dan korten we dat af met NEWS (‘nieuwe eigenwoningschuld’).
In een bindend advies van 6 januari 2026 (Kifid GC 2026-0011) heeft de Geschillencommissie zich uitgesproken over een veelvoorkomend praktijkpunt bij autoverzekeringen: wanneer ben je “eerste eigenaar” voor de nieuwwaarderegeling als een auto vóór levering kort op naam van de dealer heeft gestaan (voorregistratie), maar feitelijk nog niet is gebruikt? De uitkomst is relevant voor adviseurs én klanten die een (nieuwe) voorraadauto kopen met 0 km op de teller.
Inkomens van huishoudens dalen fors als thuiswonende kinderen 18 jaar worden en de kinderbijslag en het kindgebonden budget wegvallen. Dat blijkt uit berekeningen in het rapport De financiële knip op 18 jaar van het Nibud. Daarnaast komen er juist kosten bij voor de zorgverzekering, het eigen risico en onderwijs. Inkomsten die thuiswonende 18-jarigen zelf uit studiefinanciering en toeslagen verkrijgen, compenseren het negatieve saldo dat ontstaat slechts gedeeltelijk.
Deze uitspraak gaat over een woningeigenaar die zijn (deel van de) woning in Nederland via Airbnb verhuurt, terwijl hij vaak langere tijd in het buitenland verblijft. Na een aanvankelijke, duidelijke kortetermijnhuur ontstaat er door verlenging/voortzetting een situatie waarin de huurder zich beroept op huurbescherming. De kern is: wanneer blijft “Airbnb-verhuur” nog “huur naar zijn aard van korte duur” (zonder huurbescherming), en wanneer slaat het om naar “gewone” huur van woonruimte (mét huurbescherming)?
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg toegang tot de Kennisbank, Rekenmodellen en Helpdesk.