Vier op de tien hypotheekbezitters hebben afgelopen jaar hun woning (verder) verduurzaamd, en een overgrote meerderheid heeft deze investeringen volledig met eigen spaargeld betaald. Dat blijkt uit de nieuwste Consumentenmonitor Hypotheekbezitters van de Autoriteit Financiële Markten (AFM). Huiseigenaren die verduurzaming overwogen, maar er toch van afzagen, noemen een gebrek aan financiële middelen het vaakst als reden. Toch hoeft een gebrek aan eigen middelen geen belemmering te zijn voor de installatie van een warmtepomp of isolatie van de woning: er bestaan diverse subsidies, gunstige leenmogelijkheden en regelingen die verduurzaming betaalbaarder kunnen maken. De bekendheid met deze regelingen neemt toe.
De financiële sector vaart in 2025-2026 in duidelijk ruwer water. DNB schetst een omgeving met economische onzekerheid, kwetsbare markten en druk op overheidsfinanciën, gecombineerd met een guurder geopolitiek klimaat en toenemende digitale (hybride) dreigingen. DNB koppelt dit aan haar Visie op Toezicht 2025–2028, waarin een risicogebaseerde aanpak en snellere, efficiëntere toezichtinteractie centraal staan.
Bedrijven worden steeds vaker geconfronteerd met diefstal van delen van zonnepanelen (vooral kabels en apparatuur) die op buitenterreinen en op water zijn geïnstalleerd. Deze diefstallen hebben grote financiële gevolgen voor bedrijven. Verzekeraars zien hierdoor hun schadelast stijgen. Om die schadelast beheersbaar te houden zijn preventieve maatregelen noodzakelijk. Het Verbond van Verzekeraars heeft een handreiking opgesteld waarmee verzekeraars de bezitters van zonnepaneleninstallaties kunnen helpen bij het nemen van beveiligingsmaatregelen. Deze handreiking is in januari 2026 herzien en aangepast.
In januari 2026 waren de prijzen van bestaande koopwoningen gemiddeld 5,4 procent hoger dan een jaar eerder. Voor de tiende maand op rij vlakt de prijsstijging af. Ten opzichte van december 2025 stegen de prijzen gemiddeld met 1,2 procent. De prijsontwikkelingen in dit bericht zijn gebaseerd op de prijsindex van bestaande particuliere koopwoningen in Nederland van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het Kadaster.
Op het Forum Fiscaal Dienstverleners (Belastingdienst/FFD) is recent gemeld dat groene beleggingen en groene spaartegoeden die je in de loop van het kalenderjaar verkrijgt of koopt, in datzelfde jaar níet hoeven te worden opgenomen in (i) de aangifte inkomstenbelasting en (ii) het formulier Opgaaf werkelijk rendement. Volgens de mededeling blijven deze investeringen in het jaar van aanschaf/verkrijging buiten beschouwing voor zowel de berekening van het werkelijk rendement als de bepaling van het forfaitaire rendement.
De Kennisgroep verzekeringsproducten en assurantiebelasting heeft het standpunt KG:070:2022:3 over de minimale uitkeringsduur bij omzetting van een ingegane oudedagsverplichting (ODV) naar een lijfrenterekening opnieuw gepubliceerd/gewijzigd (laatste update 20 februari 2026). De casus is herkenbaar uit de adviespraktijk: een DGA met een ODV in de BV waarvan de uitkeringen al lopen, wil (de resterende) ODV-waarde geruisloos omzetten in een bancaire lijfrente. En juist dáár ontstaat een uitkomst die voor veel adviseurs “niet uit te leggen” voelt.
Een consument koopt VIP-kaarten voor een concert via de website van Ticketmaster France en betaalt met haar creditcard. Het concert stelt haar zeer teleur, waarna ze de creditcarduitgever ICS vraagt om het totaalbedrag van ruim 3.300 euro aan haar terug te betalen. ICS heeft dat verzoek terecht afgewezen, zo blijkt uit een vandaag gepubliceerde uitspraak van de Geschillencommissie van Kifid. De consument is ontevreden over het VIP-arrangement en dat is een kwestie tussen haar en Ticketmaster France. ICS is uitsluitend verantwoordelijk voor de betaling van de concertkaarten en heeft deze betaling terecht en correct gedaan.
Op 18 februari 2026 is in de Staatscourant een ministeriële regeling gepubliceerd waarmee de Regeling minimumloon en minimumvakantiebijslag wordt gewijzigd. Kern: Nederland legt – ter implementatie van Richtlijn (EU) 2022/2041 betreffende toereikende minimumlonen – vast welke indicatieve referentiewaarden als richtsnoer worden gebruikt bij de beoordeling van de toereikendheid van het wettelijk minimumloon (WML).
De nationale acceptatieplicht voor contant geld (zoals voorzien in art. 6:113 BW, met een uitvoeringsbesluit met uitzonderingen) zou – volgens de eerdere beleidslijn – per 1 januari 2027 in werking treden. Die planning wordt nu naar achteren geschoven. Niet omdat Nederland de acceptatieplicht niet meer wil, maar juist omdat er Europese wetgeving “aankomt” die hetzelfde onderwerp gaat regelen: de EU-verordening over contant geld als wettig betaalmiddel (in de Kamerbrief aangeduid als het LTCR-voorstel).
In 2016 is een verkeersongeval ontstaan toen een passagier van een motorrijtuig tijdens het rijden aan de handrem trok. Alle inzittenden inclusief de bestuurder die aan het stuur zat, raakten gewond. Een van de passagiers overleed een dag na het ongeval aan zijn verwondingen. De bestuurder die aan het stuur zat sprak de WAM-verzekeraar van het motorrijtuig aan voor de door hem geleden schade. De WAM-verzekeraar wees de claim af omdat er géén dekking is op de verplichte WAM-verzekering voor de schade aan de bestuurder. De vraag was of deze bestuurder nog wel als bestuurder kon worden beschouwd nu een van de inzittenden de besturing had overgenomen door aan de handrem te trekken.
Combineer de snelheid van onze specifiek op Nederlandse wet- en regelgeving getrainde AI met de diepgaande expertise van vakspecialisten. Fintool biedt de zekerheid van een altijd vakkundig onderbouwd dossier.