MijnFintool

Nieuws

Groene beleggingen gekocht in de loop van het jaar: waarom (toch) niet opgeven in box 3 – en waarom de communicatie schuurt.

Op het Forum Fiscaal Dienstverleners (Belastingdienst/FFD) is recent gemeld dat groene beleggingen en groene spaartegoeden die je in de loop van het kalenderjaar verkrijgt of koopt, in datzelfde jaar níet hoeven te worden opgenomen in (i) de aangifte inkomstenbelasting en (ii) het formulier Opgaaf werkelijk rendement. Volgens de mededeling blijven deze investeringen in het jaar van aanschaf/verkrijging buiten beschouwing voor zowel de berekening van het werkelijk rendement als de bepaling van het forfaitaire rendement.

Dat klinkt op het eerste gezicht logisch, maar riep ook vragen op – vooral door de manier waarop dit is gecommuniceerd (via het FFD) en niet meteen via een “publieke” Belastingdienst-pagina of een formele toelichting bij de box-3-tegenbewijsregeling.

Waarom dit inhoudelijk best logisch is
De kern zit in een box-3-basics die soms ondergesneeuwd raakt in alle actualiteit rond rechtsherstel, overbruggingswet en tegenbewijs:

  • Box 3 werkt (in de huidige systematiek) met een peildatum: 1 januari.
    Bezittingen die je na 1 januari aankoopt, staan per definitie niet op de peildatum en tellen daarom niet mee in de box-3-grondslag van dat jaar (zowel niet voor “forfait” als niet voor rechtsherstelberekeningen die op dezelfde grondslag leunen).
  • Als een bezitting niet in je box-3-grondslag zit voor dat jaar, dan is het logisch dat je:
  1. het niet “hoeft” te vermelden in de box-3-opgave van de aangifte, én
  2. het ook niet hoeft mee te nemen in een tegenbewijs-/werkelijk-rendement-uitvraag over datzelfde jaar.

Die lijn (peildatum → wel/niet in box 3 → wel/niet relevant voor forfait of tegenbewijs) sluit ook aan bij de algemene uitleg dat groene beleggingen in box 3 in de basis via vrijstelling/waardering op peildatum werken.

Wat er precies is gemeld op FFD

Wie groene beleggingen/spaartegoeden tijdens het jaar heeft gekocht of verkregen, hoeft deze niet op te nemen in de aangifte of in het formulier Opgaaf Werkelijk Rendement over dat jaar. Daarbij wordt expliciet gezegd dat ze voor dat jaar buiten beschouwing blijven voor:

  • het werkelijk rendement, en
  • het forfaitaire rendement.

Praktisch: wat betekent dit voor de adviespraktijk?

1) Aanschaf ná 1 januari → geen box-3-vermelding dat jaar
Koopt een klant op 15 juni 2025 een participatie in een erkend groenfonds, dan is die waarde geen onderdeel van de box-3-positie per 1 januari 2025. Daarmee:

  • geen box-3-onderdeel voor 2025,
  • geen forfaitair rendement daarover in 2025,
  • en volgens FFD ook niet opnemen in een eventuele werkelijk-rendement-/tegenbewijsuitvraag over 2025.

2) Let op de “omgekeerde” situatie: bezit wél op 1 januari, verkoop later in het jaar
Als de klant het groene product wel had op 1 januari, hoort het in principe wél bij box 3 van dat jaar (ook al is het later verkocht). Dat is precies waarom het FFD-bericht zich richt op verkrijging in de loop van het jaar: dát is de categorie die per peildatum “buiten beeld” valt.

3) Controlepunt: erkend groenfonds / groen spaartegoed
De box-3-vrijstelling geldt alleen voor aangewezen/erkende groene beleggingen of groene spaartegoeden. De Belastingdienst heeft daarvoor een aparte toelichtingspagina en (in de praktijk) ook lijsten/erkenningen via de aanbieders.

Waarom de communicatie “vreemd” aanvoelt
Dat dit nieuws via het Forum Fiscaal Dienstverleners naar buiten komt, is niet nieuw (FFD wordt vaker gebruikt voor vaktechnische Q&A). Maar in dit geval is het wél opvallend, omdat het gaat om een regel met directe impact op:

  • de aangiftepraktijk,
  • de tegenbewijsregeling / werkelijk rendement (die bij veel adviseurs en belastingplichtigen al complex genoeg is),
  • en de kans op onbedoelde fouten (“toch maar invullen, voor de zekerheid”).

Een korte, publiek vindbare toelichting op Belastingdienst.nl bij de uitleg over box 3 / werkelijk rendement had veel verwarring kunnen voorkomen.

Advies: hoe dit netjes verwerken in dossiervorming
Als je dit in de praktijk toepast, is het verstandig om bij twijfelgevallen kort vast te leggen:

  • aankoopdatum/verkrijgingsdatum (na 1 januari?),
  • type groenproduct (erkend groenfonds/groen spaartegoed),
  • en een verwijzing naar het FFD-bericht in het dossier.

Dat voorkomt discussie achteraf (“waarom hebben we dit niet ingevuld?”) en maakt je positie uitlegbaar.

Bron: FFD

Modules & dossiers

Opvoerdatum

22 feb 2026

Laatst gewijzigd

24 feb 2026

Reacties

Er zijn (nog) geen reacties op dit artikel

Graag eerst inloggen om deze pagina te bekijken.

Permanent Actueel met Fintool?

Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg toegang tot de Kennisbank, Rekenmodellen en Helpdesk.
Lees verder

Fintool bv © 2003/2026. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.

1
1