Een werknemer die op 66-jarige leeftijd vervroegd met pensioen wilde gaan, mocht vertrouwen op het door de financieel adviseur gepresenteerde pensioenscenario. Dat het advies via de werkgever was gefaciliteerd en voor de werknemer kosteloos was, maakte volgens Kifid niet dat geen adviesrelatie bestond. De adviseur moet € 10.239,26 schadevergoeding betalen. De uitspraak is niet-bindend.
Feiten
De consument kreeg in 2023 via zijn werkgever de mogelijkheid om kosteloos financieel advies in te winnen over zijn financiële situatie en de mogelijkheden om zijn pensioen te vervroegen. In de flyer stond onder meer dat de werknemer “gratis financieel advies” kon ontvangen en dat dit nuttig was als hij inzicht wilde krijgen in zijn financiële situatie “nu en vanaf pensioen”.
Na een adviesgesprek op 20 maart 2023 stuurde de adviseur een uitgebreid gespreksverslag. Daarin stond dat was stilgestaan bij de wens om medio 2024, bij het bereiken van de 66-jarige leeftijd, het pensioen te laten ingaan. Volgens het verslag kon gedurende de eerste drie jaren vanaf het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd worden uitgegaan van een gemiddeld netto-inkomen van € 2.583,95 per maand.
Later bleek uit een herziene berekening dat de consument vanaf zijn 66-jarige leeftijd inclusief AOW niet € 2.583,95 netto per maand zou ontvangen, maar € 2.110,44. De consument stelde dat hij op basis van het eerdere scenario had besloten eerder te stoppen met werken. Hij vorderde het verschil over vier jaar, afgerond € 21.120.
Adviseur: geen adviesrelatie
De adviseur stelde dat geen sprake was van een adviesrelatie, maar slechts van een “financiële APK”. Kifid volgt dat verweer niet. Uit de stukken bleek volgens de commissie duidelijk dat aan de consument kosteloos financieel advies was aangeboden. Daarmee kwalificeert de rechtsverhouding als een overeenkomst van opdracht in de zin van artikel 7:400 BW.
Dat de werkgever de kosten vergoedde, maakte dat niet anders. De werknemer was degene die op basis van het advies een ingrijpende persoonlijke financiële beslissing moest nemen. Op de adviseur rustte daarom de zorgplicht van artikel 7:401 BW: hij moest handelen zoals van een redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot mag worden verwacht.
Vertrouwen op één scenario
De adviseur voerde verder aan dat in de stukken ook andere bedragen en tabellen waren opgenomen. Volgens Kifid betekende dit niet dat de consument niet mocht vertrouwen op het scenario waarin het netto-inkomen van € 2.583,95 per maand werd genoemd.
Daarbij woog mee dat financiële zekerheid over de te verwachten pensioenuitkering voor de consument doorslaggevend was bij zijn besluit om eerder te stoppen met werken. De consument was volgens zijn eigen toelichting niet cijfermatig onderlegd en mocht in de omstandigheden van deze zaak vertrouwen op de door de adviseur verstrekte informatie. Als in het overzicht onjuiste informatie stond, was die fout voor de consument niet kenbaar.
Dit is voor de praktijk een belangrijk punt. Een adviesrapport met meerdere tabellen of scenario’s is geen vrijbrief. Als één scenario duidelijk als passend of relevant wordt gepresenteerd en de klant daarop mag varen, kan een fout in dat scenario tot aansprakelijkheid leiden.
Schade: niet vier maar drie jaar
De consument kreeg niet het volledige gevorderde bedrag toegewezen. Kifid corrigeerde de schadeberekening op twee punten. Ten eerste was in het bedrag van € 2.583,95 ten onrechte een uitkering van € 151 per maand verwerkt waarop de consument geen recht had. Dat bedrag telt dus niet mee bij de schade.
Ten tweede stelde Kifid de compensatieperiode niet op vier jaar, maar op drie jaar. Het verschil waarop de consument mocht rekenen kwam daarmee uit op € 288,56 netto per maand. Met inachtneming van onder meer sterftekans, inflatie, pensioenindexatie en rekenrente stelde Kifid de schade vast op € 10.239,26.
Praktijkbelang
De uitspraak laat opnieuw zien dat de kwalificatie “gratis”, “oriënterend”, “APK” of “informatief” niet beslissend is. Beslissend is wat feitelijk wordt aangeboden en geleverd. Wordt een werknemer persoonlijk begeleid bij de vraag of hij eerder kan stoppen met werken, met berekeningen van het netto besteedbaar inkomen, dan ligt een adviesrelatie al snel voor de hand.
Dat sluit aan bij eerdere Fintool-publicaties over de grens tussen keuzebegeleiding en persoonlijk pensioenadvies. Fintool besprak eerder dat een pensioen-APK via de werkgever als belast loon kan kwalificeren als het gesprek keuzebegeleiding overstijgt en de werknemer een persoonlijk één-op-één adviesgesprek krijgt over zijn financiële toekomst. Daarbij worden vragen als “wat wordt mijn netto besteedbaar inkomen later?” en “kan het pensioen eerder of later ingaan?” expliciet genoemd als herkenbare onderdelen van zo’n gesprek.
Ook de fiscale duiding door Financiën bevestigt dat aanvullend individueel pensioenadvies iets anders is dan verplichte keuzebegeleiding binnen de pensioenregeling. Zodra het gesprek breder wordt dan de regeling en persoonlijke financiële data nodig zijn, zoals hypotheek, aangifte IB of vermogen, schuift het snel richting persoonlijk advies.
Deze Kifid-uitspraak gaat niet over de loonheffing, maar over civielrechtelijke zorgplicht en schade. Toch raken beide lijnen elkaar in de praktijk. Wie richting werkgever en werknemer communiceert dat een werknemer persoonlijk inzicht krijgt in zijn netto inkomen na pensionering, zal ook dossiermatig moeten kunnen dragen dat de berekeningen juist, begrijpelijk en voldoende afgebakend zijn.
Aandachtspunten voor adviseurs
Wie een werknemer helpt beslissen of hij eerder kan stoppen met werken, adviseert over een financieel onomkeerbare keuze. Dan moet de berekening kloppen — en als zij niet klopt, kan “het was maar een gratis APK” onvoldoende verweer zijn.
Bron: Kifid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99