In het artikel Economisch-Statistische Berichten (ESB) “Defiscalisering eigenwoning beperkt prijsgroei zonder betaalbaarheidsproblemen” wordt onderzocht wat de effecten zijn van een geleidelijke defiscalisering van het eigenwoningbezit. De kernconclusie: het weghalen of verminderen van fiscale voordelen (zoals de renteaftrek van de eigenwoningschuld en het eigenwoningforfait) zou volgens de auteurs leiden tot minder sterke prijsstijgingen van koopwoningen, maar niet tot grote betaalbaarheidsproblemen.
De toepassing van het verlaagde tarief van 2% overdrachtsbelasting – of zelfs de startersvrijstelling – staat of valt met het hoofdverblijfcriterium. Maar hoe moet dat criterium worden uitgelegd als het gekochte pand eigenlijk alleen op papier nog een woning is, maar in werkelijkheid een bouwval die gesloopt moet worden? Een recente uitspraak van Rechtbank Noord-Holland (26 augustus 2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:9879) biedt welkome duidelijkheid én een frisse benadering. Maar de interpretatie van de Belastingdienst en eerdere rechtspraak zorgen nog steeds voor onzekerheid en – soms – onredelijke uitkomsten.
Ruim de helft van de Nederlandse huishoudens heeft vertrouwen in de financiële sector, evenveel als een jaar eerder. Daarentegen is het aantal Nederlanders dat zich zorgen maakt over de financiële gezondheid van banken, verzekeraars en pensioenfondsen wel gegroeid. Dat blijkt uit een onderzoek van De Nederlandsche Bank (DNB) onder ruim 2.400 huishoudens.
In deze zaak staat de vraag centraal of tussen een koper en een particuliere verkoper een rechtsgeldige koopovereenkomst tot stand is gekomen voor een recreatiewoning, op basis van een door beide partijen ondertekende e-mail. De koper stelde van wel, het Hof oordeelde van niet. Daarmee staat deze uitspraak opnieuw stil bij de grenzen van aanbod, aanvaarding en het schriftelijkheidsvereiste van art. 7:2 BW.
In deze zaak stond de vraag centraal of een hoogbejaarde weduwe (91 jaar in 2022) haar woning rechtmatig heeft verkocht aan haar schoondochter, en of de daarbij horende schenkingen vernietigbaar zijn. De weduwe beriep zich op geestelijke stoornis en misbruik van omstandigheden. Het Hof oordeelde anders.
In deze uitspraak van Kifid (nr. 2025-0871) staat de vraag centraal of een financieel adviseur aansprakelijk is voor schade, terwijl er geen schriftelijke adviesovereenkomst was gesloten. De consument ontving kosteloos hulp van een hypotheekadviseur, maar stelt achteraf schade te hebben geleden doordat de rente op zijn hypotheek niet tijdig werd vastgezet. Kifid moest oordelen of de adviseur een zorgplicht had en of die is geschonden.
Deze Kifid-zaak draait om de vraag of een bank na het verstrijken van een 10-jarige betalingsregeling alsnog de volledige restschuld, inclusief rente, mag opeisen van een consument. De kern draait om het beginsel van redelijkheid en billijkheid en de mate waarin een schuldeiser contractueel en juridisch binnen zijn recht blijft om toch (volledig) betaling te eisen.
Klanten hebben op 1-10-2025 een woning gekocht en zijn hiervoor een EWS aangegaan. Ze hadden hiervoor al een eigen woning (aankoopdatum 26-11-2015) en destijds zijn voor het eerst een EWS aangegaan. Nu blijkt de verkoop van hun woning meer op te leveren dan zij hadden van te voren hadden ingeschat. Dit gaat om een bedrag van 60k. Ik heb geadviseerd om dit op het nieuwe leningdeel (startdatum vanaf 1-10-2025 met een looptijd van 30 jaar) af te lossen. Alleen besluiten zij om dit liever op de 'oude' hypotheek af te lossen. Wat zijn de nadelen voor de klant als zij dit doen? Verliezen ze hiermee hun renteaftrek?
We zijn trots om aan te kondigen dat onze nieuwe Fintool AI helpdesk vanaf nu beschikbaar is voor PRO-abonnees. Deze geavanceerde oplossing bouwt voort op 23 jaar opgebouwde Fintool-kennis, waardoor complexe financiële en fiscale casussen razendsnel én correct voor u worden uitgewerkt.
Om iedereen kennis te laten maken met deze innovatie, zetten we de AI Helpdesk tot 1 januari 2026 open voor alle abonnees.
De AFM heeft onlangs de jaarlijkse Consumentenmonitor met als deelonderwerp ‘Beleggen’ gepubliceerd. De meest opvallende uitkomst, is de sterke groei van beleggingen in afgeleide cryptoproducten. Waar in 2022 nog 1 op de 100 beleggers aangaf in dergelijke producten te beleggen, zijn er dat in 2025 1 op de 10. De AFM blijft wijzen op de risico’s.
Combineer de snelheid van onze specifiek op Nederlandse wet- en regelgeving getrainde AI met de diepgaande expertise van vakspecialisten. Fintool biedt de zekerheid van een altijd vakkundig onderbouwd dossier.