Naar aanleiding van een vraag van een Fintool abonnee of het 'voordeliger' is om een box 1 lening (BP2013 regime) toch in box 3 te plaatsen ter besparing van de te betalen vermogensrendementsheffing is een rekenmodel gemaakt.
Ongetwijfeld heeft u het in de adviespraktijk meegemaakt. Een stelletje dat allebei eerder een huis (hypotheekrenteaftrek) heeft gehad en nu een ander huis kopen. Gemakshalve is de trouwdatum gelijk aan de passeerdatum. En u weet: trouwen = boedelmenging. Hoe gaat dit nu met de hypotheekrenteaftrek? Bereken met het rekenmodel eenvoudig de leningdelen en bijbehorende resterende looptijden.
Voor een NHG aanvraag wordt rekening gehouden met de geoffreerde hypotheekrente van de lening mits deze 10 jaar of langer vaststaat. Nu heb ik een hypotheekadvies, waarbij een mix van korte (5 jaar rentevast) en een lange rente (15 jaar) gehanteerd wordt. In de NHG voorwaarden staat dat indien sprake is van een (resterende) rentevastperiode korter dan 10 jaar, dient te worden getoetst op basis van de toetsrente van de Gedragscode Hypothecaire Financieringen. Hoe kan ik nu een correcte toetsrente berekenen?
De vermogensrendementsheffing werd eerst op basis van vooraf vastgestelde fictieve rendementen vastgesteld.
Met de uitspraak van de Hoge Raad en 'herstelwetgeving' is er gedurende de overgangsperiode een afwijkende methodiek. Zie rekenmodel.
Met de huidige lage rentestanden op spaarrekeningen en de bijbehorende te betalen vermogensrendementsheffing (boven het heffingsvrije vermogen) komt men vaak negatief uit. Bereken wat de netto aanwas is bij een gelijk rendement (identiek beleggingsprofiel) in box 3 of in box 2.
Als professioneel financieel adviseur moet en wilt u bijblijven en dat het liefst in zo weinig mogelijk (kostbare) tijd. Dat kan nu met Fintool.nl! Meld u nu aan als abonnee en krijg toegang tot de Kennisbank, Rekenmodellen en Helpdesk.