Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft op 4 augustus 2026 geoordeeld over een familiekwestie waarin een schenking van een woning, een beroep op de legitieme portie en jarenlang wonen tegen een lage huur samenkwamen. De uitspraak is relevant voor estate planners, financieel planners en hypotheekadviseurs die families begeleiden bij schenkingen rond de eigen woning.
De kern van de zaak: erflaatster had in 2014 een woning geschonken/verkocht aan één van haar dochters. In de akte was een inbrengverplichting opgenomen. Na overlijden ontstond discussie met de andere tak van de familie. Volgens appellante moest de schenkingsovereenkomst worden ontbonden wegens onvoorziene omstandigheden, met name omdat erflaatster later was gescheiden. Daarnaast stelde zij dat de dochter die de woning bewoonde jarenlang te goedkoop had gehuurd en daardoor een gift had ontvangen die moest meetellen voor de legitimaire massa.
Het hof gaat niet mee in de ontbinding van de schenkingsovereenkomst. Een echtscheiding is volgens het hof in beginsel geen onvoorziene omstandigheid die zonder meer meebrengt dat een eerdere schenking niet in stand kan blijven. Daarbij woog mee dat bij het opmaken van huwelijksvoorwaarden en testament de mogelijkheid van echtscheiding in het algemeen aan de orde pleegt te komen. Ook bleek niet dat erflaatster na de schenking of na de echtscheiding spijt had gekregen van de schenking of haar testament anders had willen inrichten.
Belangrijker voor de adviespraktijk is het oordeel over het huurvoordeel. De dochter had de woning van 2002 tot 2014 gehuurd voor € 462 per maand. Vast stond dat de woning in het economisch verkeer voor een hoger bedrag had kunnen worden verhuurd. Volgens het hof had erflaatster daarmee afgezien van inkomen uit vermogen, terwijl de dochter zich de hogere kosten van een marktconforme huur had bespaard. Daarin lag ook een bevoordelingsbedoeling besloten. Het hof kwalificeert het voordeel daarom als gift.
Voor de omvang van de gift sluit het hof aan bij de rechtbank. De marktconforme huurwaarde kon na zoveel jaren niet meer precies worden vastgesteld. Makelaars konden of wilden de historische huurwaarde niet begroten. Het hof schat de waarde van de gift op € 46.982, uitgaande van een huurwaarde van € 800 per maand. Het standpunt van appellante dat de marktconforme huur € 1.600 per maand bedroeg, was onvoldoende onderbouwd.
Daarmee blijft de eerdere berekening in stand. De legitimaire vordering bedroeg € 29.564,32. Door inkorting op de door de dochter ontvangen giften moest zij nog € 1.024,02 betalen. Alleen op het punt van de wettelijke rente krijgt appellante gelijk: de rente over € 1.024,02 is verschuldigd vanaf de dagvaarding in eerste aanleg, 20 april 2022.
Praktijkbelang
Deze uitspraak laat zien dat familietransacties rond wonen niet alleen fiscaal, maar ook erfrechtelijk goed moeten worden vastgelegd. Een lage huur aan een kind kan civielrechtelijk een gift zijn als sprake is van verrijking, verarming en bevoordelingsbedoeling. Dat geldt ook als de ouder per saldo nog meer huur ontvangt dan zijn of haar eigen financieringslasten. De vergelijking wordt namelijk niet alleen gemaakt met de lasten van de ouder, maar ook met de marktwaarde van het woongenot.
Voor adviseurs is vooral de bewijspositie van belang. Wie stelt dat sprake is van een gift, moet dat onderbouwen. Tegelijk laat deze uitspraak zien dat een rechter bij gebrek aan exacte historische gegevens de omvang van het voordeel kan schatten. Een schriftelijke huurovereenkomst, onderbouwing van de huurprijs, taxaties en duidelijke motieven kunnen latere discussies beperken.
Bij schenkingen aan één kind, zeker als het om de eigen woning gaat, verdient het aanbeveling vooraf stil te staan bij drie vragen:
De uitspraak sluit aan bij eerdere Fintool-aandacht voor de legitieme portie. In het artikel “Legitieme portie blijft behouden” is al benadrukt dat bij vermogensplanning rekening moet worden gehouden met eerdere giften, bevoordelingen, liquiditeit van de nalatenschap en mogelijke claims van legitimissen. Ook in de bespreking “Legitieme portie, (gestelde) giften en zekerheidstelling” stond centraal welke giften meetellen voor de legitimaire massa en wanneer gestelde bevoordelingen onvoldoende zijn onderbouwd.
Bron: Rechtspraak
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99