In Kifid-uitspraak GC 2026-0205 (2 maart 2026) draait het om twee consumenten die hun bestaande hypotheek wilden verhogen voor verbouwing/verduurzaming, maar uiteindelijk (tegen hun voorkeur in) oversloten naar een andere aanbieder tegen een veel hogere rente.
Daarna ontstond nóg een probleem: de nieuwe hypotheek was administratief/fiscaal zo ingericht dat (tijdelijk) niet meer aan de aflossingseis voor hypotheekrenteaftrek werd voldaan. De kern: wat mag je van een redelijk bekwaam en redelijk handelend hypotheekadviseur verwachten, en wanneer leidt een fout ook daadwerkelijk tot vergoedbare schade?
Feiten van de zaak
Juridische vraag
De centrale vragen die de Geschillencommissie beoordeelt:
Uitspraak Kifid Geschillencommissie
Beoordelingskader (zorgplicht)
De relatie is een overeenkomst van opdracht (art. 7:400 BW) aangegaan en de adviseur moet handelen als goed opdrachtnemer (art. 7:401 BW): de zorg van een redelijk bekwaam en redelijk handelend beroepsgenoot, afhankelijk van omstandigheden zoals productrisico’s en klantprofiel.
A. Klacht 1 – “onnodig oversluiten” en hogere rente
De commissie begrijpt de onvrede: voor een relatief kleine verhoging gingen consumenten van 1,84% naar 4,75%. Maar: consumenten hebben de ING-offerte getekend waarop het tarief duidelijk stond; als zij dit niet wilden, hadden zij niet moeten tekenen. Ook het feit dat zij al verbouwingsverplichtingen waren aangegaan ligt in hun eigen risicosfeer. Daarnaast: consumenten stelden dat bijBouwe ook had kunnen verhogen, maar konden dat onvoldoende bewijzen; de bewijslast lag bij hen.
Gevolg: geen vergoeding voor “hogere rente door oversluiten”.
B. Klacht 2 – fout rond hypotheekrenteaftrek (aflossingseis)
De commissie is wél duidelijk: het had op de weg van de adviseur gelegen om de offerte te controleren en de fiscale gevolgen van de verwerking te onderkennen. In de offerte was de lening niet opgesplitst in een oud deel (dat al liep) en het nieuwe deel, waardoor (tijdelijk) niet werd voldaan aan de aflossingseis (art. 3:119c Wet IB 2001). Daarmee is de adviseur tekortgeschoten in zorgplicht. Maar: schade door gemiste hypotheekrenteaftrek is niet komen vast te staan, omdat de inspecteur aangeeft dat:
Gevolg: wél fout / zorgplichtschending, maar geen HRA-schadevergoeding.
C. Welke bedragen moet de adviseur wél vergoeden?
De commissie wijst uiteindelijk deels toe:
Bron: Kifid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99