De Wet tot wijziging van de Huisvestingswet 2014 en enkele andere wetten ter uitvoering van Verordening (EU) 2024/1028 is gepubliceerd in het Staatsblad. De wet regelt de nationale uitvoering van de Europese regels voor het verzamelen en delen van gegevens over kortetermijnverhuur van accommodatie. Denk daarbij aan verhuur via platforms als Airbnb en Booking.com. De kern: verhuurders krijgen een registratienummer en platforms moeten gegevens geautomatiseerd delen met overheden, zodat gemeenten beter kunnen handhaven op lokale regels, woonruimtegebruik, leefbaarheid, veiligheid en toeristenbelasting.
Wat wijzigt er?
De Europese verordening beoogt uniforme registratie van toeristische verhuur en gegevensdeling door online platforms. In de Nederlandse context wordt dit ingepast in de Huisvestingswet 2014. Gemeenten kunnen al regels stellen voor toeristische verhuur, zoals een registratieplicht, meldplicht of vergunningplicht. De nieuwe wet sluit daarop aan met een centraal digitaal toegangspunt. Platforms sturen de gegevens die zij op grond van de EU-verordening moeten delen naar dit centrale punt. De minister van VRO is verantwoordelijk voor de inrichting en verwerking van persoonsgegevens in dit systeem.
Via dat centrale digitale toegangspunt kunnen gegevens vervolgens worden verstrekt aan gemeenten die regels voor toeristische verhuur toepassen. De wet noemt onder meer toezicht op gemeentelijke verboden en voorschriften, toezicht op veiligheid, gezondheid en bruikbaarheid van woonruimte en de heffing en invordering van toeristenbelasting. Ook wordt maandelijkse gegevensverstrekking aan het CBS geregeld, waarna het CBS gegevens aan Eurostat verstrekt.
Verhuurder: registratienummer wordt belangrijker
Voor verhuurders betekent dit dat het registratienummer niet alleen een gemeentelijk administratief gegeven is, maar onderdeel wordt van een bredere digitale keten. Waar een gemeenteraad een registratieplicht heeft ingevoerd, moet de verhuurder de juiste informatie aanleveren. Burgemeester en wethouders kunnen bovendien correctie verlangen van informatie die bij de aanvraag van een registratienummer is verstrekt. Ook kunnen zij onder voorwaarden een registratienummer opschorten of intrekken. Een opgeschort registratienummer geldt dan niet als geldig registratienummer.
Praktisch gevolg: een fout, ontbrekend of opgeschort nummer kan niet alleen lokaal problemen geven, maar ook gevolgen hebben voor de zichtbaarheid van de advertentie op het platform.
Platform: controleren, registreren en delen
Voor platforms wordt de positie zwaarder. Zij krijgen taken rond het informeren van aanbieders, het verwerken van registratienummers en het doorgeven van gegevens. De ACM wordt aangewezen als toezichthouder voor de naleving van de platformverplichtingen uit de EU-verordening op het punt van registratiecontrole en platformgedrag. Daarnaast krijgt de minister bevoegdheden voor handhaving van artikel 9 van de verordening, met de mogelijkheid van bestuursdwang en een bestuurlijke boete.
Dit is relevant voor financiële adviseurs, omdat tijdelijke verhuur vaak niet alleen fiscaal speelt. In dossiers rond de eigen woning, tijdelijke verhuur, box 1/box 3, verzekering, VvE-toestemming en hypotheekvoorwaarden komt gemeentelijke toestemming steeds vaker terug als randvoorwaarde.
Te laat: EU-regels golden al vanaf 20 mei 2026
De EU-verordening is van toepassing met ingang van 20 mei 2026. De Nederlandse uitvoeringswet is echter pas op 14 augustus 2026 uitgegeven in het Staatsblad. De Eerste Kamer vermeldt dat het voorstel op 18 juni 2026 door de Tweede Kamer als hamerstuk is afgedaan en op 7 juli 2026 door de Eerste Kamer als hamerstuk is aangenomen.
De wet treedt niet automatisch in werking door publicatie in het Staatsblad. Artikel IV bepaalt dat inwerkingtreding plaatsvindt op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip. In dat besluit kan bovendien worden bepaald dat enkele onderdelen terugwerken tot en met een in dat besluit te bepalen tijdstip. Het gaat daarbij om artikel I, onderdelen A, F en Ga. Per 17 augustus 2026 is in de geraadpleegde officiële bekendmakingen nog geen afzonderlijk koninklijk besluit met concrete inwerkingtredingsdatum aangetroffen.
Die terugwerkende kracht is juridisch begrijpelijk vanuit de Europese deadline, maar praktisch ongemakkelijk. Verhuurders, gemeenten en platforms moeten immers systemen, controles en gegevensstromen inrichten. Een wettelijke terugwerkende datum maakt een digitale keten niet met terugwerkende kracht operationeel.
Adviespraktijk: neem tijdelijke verhuur expliciet mee
Voor de hypotheek- en fiscale adviespraktijk is de boodschap vooral: tijdelijke verhuur via platforms wordt steeds minder vrijblijvend. Bij klanten die de eigen woning of een deel daarvan incidenteel via Airbnb of vergelijkbare platforms willen verhuren, horen in ieder geval de volgende dossierpunten:
Juist de combinatie maakt dit onderwerp adviesgevoelig. Een klant kan fiscaal denken aan “een paar weekenden Airbnb”, terwijl civielrechtelijk, gemeentelijk en hypotheekrechtelijk andere risico’s spelen.
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99