Het maximale aftrektarief voor de hypotheekrenteaftrek bedraagt in 2026 37,56%. Dat percentage is gelijk aan het tarief van de tweede schijf in box 1. Volgens staatssecretaris Eerenberg is dat geen afzonderlijke verruimingsmaatregel, maar het gevolg van de wettelijke systematiek: het maximale aftrektarief voor grondslagverminderende posten is gekoppeld aan het tarief van de tweede schijf. Die koppeling geldt niet alleen voor de hypotheekrenteaftrek, maar ook voor onder meer de MKB-winstvrijstelling en de giftenaftrek.
De discussie is actueel geworden door Kamervragen van het lid Stultiens over het niet verruimen van de hypotheekrenteaftrek. Als het tarief van de tweede schijf in komende jaren stijgt, stijgt het maximale aftrektarief voor de hypotheekrenteaftrek automatisch mee. Bij verwerking van afspraken uit het coalitieakkoord zou het tarief in de tweede schijf naar verwachting kunnen uitkomen op 38,19% in 2027 en 38,23% structureel vanaf 2030.
Geen nieuwe aftrekpost, wel een hoger aftrekvoordeel
Het kabinet benadrukt dat sprake is van een bestaande systematiek. Sinds de afbouw van de hypotheekrenteaftrek is voltooid, beweegt het maximale aftrekpercentage mee met het tarief van de tweede schijf. Iedere wijziging van het percentage in de tweede schijf heeft daardoor automatisch gevolgen voor het maximale aftrekpercentage.
Materieel kan dit wel leiden tot een ruimer fiscaal voordeel voor belastingplichtigen met aftrekbare eigenwoningrente. Volgens de beantwoording gaat het specifiek voor de hypotheekrenteaftrek om een budgettair belang van € 183 miljoen in 2027 bij een stijging van 0,60%-punt. Structureel, bij een verhoging van 0,79%-punt in 2030, loopt dit op tot € 281 miljoen.
Daar zit het politieke spanningsveld. De Tweede Kamer heeft via de motie-Stultiens verzocht de verruiming ongedaan te maken, bijvoorbeeld door het maximale aftrekpercentage te verlagen of het eigenwoningforfait beperkt te verhogen. De discussie gaat dus niet over een nieuwe aftrekpost, maar over het tariefeffect van de bestaande koppeling aan de tweede schijf.
Loskoppelen is uitvoeringstechnisch niet eenvoudig
Een belangrijke vraag is of het maximale aftrekpercentage zelfstandig kan worden vastgesteld, los van het tarief in de tweede schijf. Volgens de staatssecretaris is dat op dit moment niet eenvoudig. De huidige systematiek is verwerkt in de wetgeving én in de ICT-systemen van de Belastingdienst. Een zelfstandige tariefknop voor aftrekposten heeft volgens een quickscan een grote IV-impact en is op zijn vroegst uitvoerbaar per belastingjaar 2029.
Dat betekent niet dat er helemaal geen knop is. Het aanpassen van het eigenwoningforfait is volgens de beantwoording uitvoeringstechnisch een parameterwijziging en zou mogelijk zijn per 1 januari 2027. Daarmee lijkt de vraag vooral politiek: kiest het kabinet voor neutralisatie via het eigenwoningforfait, voor een latere systeemaanpassing of voor het laten doorwerken van de bestaande koppeling?
Praktische betekenis voor adviseurs
Voor de adviespraktijk is vooral van belang dat het maximale aftrektarief voor 2027 en latere jaren nog niet definitief als vaststaand voordeel moet worden ingerekend. De tarieven lopen mee in de augustusbesluitvorming en het kabinet komt met Prinsjesdag met een reactie op de motie-Stultiens.
Bij berekeningen voor klanten met aftrekbare eigenwoningrente is het daarom verstandig onderscheid te maken tussen:
Voor cliënten betekent dit dat het fiscale voordeel van hypotheekrenteaftrek in 2027 nog onzeker is. Een hogere tweede schijf kan onder de huidige wet automatisch leiden tot een hoger aftrekpercentage, maar de Kamer heeft juist gevraagd dat effect terug te draaien.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99