Onderzoek van TNO wees in 2013 uit dat een oorzakelijk verband tussen de isolatie met PUR-schuim en de klachten onwaarschijnlijk was, maar niet geheel uitgesloten kon worden. Sindsdien heeft de branche de richtlijnen verder aangescherpt en is er in 2016 een protocol voor medische diagnostiek opgesteld. Omdat de onrust bleef bestaan, heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de Gezondheidsraad gevraagd advies uit te brengen. De Commissie Gespoten PUR-schuim van de raad heeft zich gebogen over de vraag of er gezondheidsrisico’s kunnen ontstaan bij bewoners door isolatie met gespoten PUR-schuim en in hoeverre er groepen zijn die extra gevoelig zijn.
Bij de isolatie met gespoten PUR-schuim worden ter plaatse (meestal in de kruipruimte) twee componenten samengevoegd die door chemische reactie uitharden tot een isolerende schuimlaag. De ene component bestaat uit isocyanaten. Deze reageren met polyolen, het hoofdbestanddeel van de tweede component. In deze laatste component zitten tevens hulpstoffen; katalysatoren, blaasmiddelen en vlamvertragers. Van isocyanaten en katalysatoren is bekend dat deze gevaarlijk zijn voor de gezondheid. Voor blootstelling van werknemers bestaan in sommige landen wettelijke grenswaarden; voor deze stoffen zijn die in Nederland nog niet van kracht. Voor bewoners bestaan er geen wettelijke grenswaarden, maar er zijn voor sommige stoffen wel advieswaarden ter bescherming van de gezondheid. Voor een schatting van risico’s maakte de commissie gebruik van grenswaarden uit het buitenland en advieswaarden van verschillende instanties.
Uit onderzoek blijkt dat de blootstelling van bewoners aan gevaarlijke stoffen bij een juiste toepassing van PUR-schuim lager is dan de advieswaarden voor deze stoffen. Blaasmiddelen en vlamvertragers komen over een langere tijd geleidelijk vrij uit PUR-schuim. Er zijn geen aanwijzingen dat lage concentraties blaasmiddelen schadelijk zijn voor de gezondheid, maar de langetermijneffecten daarvan zijn maar beperkt onderzocht.
Van de gezondheidseffecten door blootstelling aan componenten van PUR-schuim is bekend dat isocyanaten astma, andere longaandoeningen, eczeem en netelroos kunnen veroorzaken. Het aantal beroepsziektemeldingen dat verband houdt met PUR-schuim is laag: tussen 2002 en 2019 ging het om 3 meldingen. Dit aantal is aanzienlijk lager dan op basis van de internationale literatuur te verwachten zou zijn. De commissie verwacht dat sprake is van onderrapportage en dat de cijfers onvolledig zijn.
Wel is er een flink aantal meldingen van gezondheidsklachten bij bewoners. Bij de GGD werden tussen 2011 en 2019 69 meldingen geregistreerd. Het is de bedoeling dat alle meldingen (via de patiënt zelf of de huisarts) doorgegeven worden aan de GGD. Die onderzoekt vervolgens of er een mogelijke relatie is met PUR-schuim en adviseert over de aanpak. In de praktijk krijgt de GGD niet alle klachten door. Een door PUR-slachtoffers zelf in het leven geroepen meldpunt heeft tussen 2012 en 2019 322 meldingen geregistreerd van uiteenlopende klachten. Er is geen goed overzicht van alle meldingen.
Bij een juiste toepassing van gespoten PUR-schuim is de blootstelling aan gevaarlijke stoffen zeer laag en dan acht de commissie nadelige gezondheidseffecten voor bewoners onwaarschijnlijk. Om verschillende redenen is het echter niet mogelijk om dergelijke effecten uit te sluiten. Bij onjuiste toepassing nemen de risico’s voor de gezondheid van bewoners toe.
Verder zijn van een aantal stoffen in PUR-schuim de gezondheidseffecten onvoldoende bekend.
Daarnaast worden de klachten en aandoeningen van bewoners niet systematisch onderzocht en geregistreerd. Daardoor is er geen duidelijk beeld van de aard en omvang van de problematiek onder bewoners en blijft vaak onduidelijk of de klachten verband houden met de PUR-schuimisolatie of dat de oorzaak ergens anders ligt. Mensen met een bekende isocyanaatallergie zouden isolatie met gespoten PUR-schuim moeten vermijden. De commissie is van mening dat voor andere mogelijke hoogrisicogroepen specifieke adviezen niet nodig zijn.
Bron: Rijksoverheid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99