Een opvallende Kifid-uitspraak, niet zozeer vanwege de inhoudelijke pensioenkwestie, maar vanwege de formele afdoening. De Geschillencommissie komt namelijk niet toe aan een inhoudelijk oordeel. De klacht wordt niet-behandelbaar verklaard, omdat het noodzakelijke onderzoek volgens de commissie dermate tijdrovend en ingewikkeld zou zijn dat de taak van de Geschillencommissie ernstig in het gedrang komt.
De uitspraak betreft Kifid GC 2026-0668 van 10 juli 2026. De consument klaagde tegen Nationale-Nederlanden Levensverzekering Maatschappij N.V. over het uitblijven van indexatie van zijn pensioenuitkering. Volgens de consument zou dit verband houden met onterechte onttrekkingen aan een toeslagendepot van de pensioenregeling van zijn voormalige werkgever. Dat depot was tot 2012 ondergebracht bij de verzekeraar, terwijl de pensioenverplichtingen na liquidatie van het pensioenfonds per 1 januari 2012 door de verzekeraar zijn overgenomen.
De consument verlangde dat de verzekeraar eerdere onttrekkingen aan het toeslagendepot zou terugvorderen en dat de gemiste en toekomstige indexatie zou worden vergoed. De commissie formuleert de kernvraag echter anders: kan de verzekeraar, ná 1 januari 2012 als pensioenuitvoerder, worden aangesproken op gestelde onttrekkingen aan het toeslagendepot van vóór 1 januari 2012 en op het terugvorderen daarvan?
Volgens Kifid is die vraag niet te beantwoorden zonder een zeer tijdrovend en ingewikkeld onderzoek. Daarmee beroept de commissie zich op vraag 3 onder 9 van het Reglement Geschillencommissie Kifid. In dat reglement staat dat Kifid een klacht van een consument niet behandelt als de behandeling de taak van de Geschillencommissie ernstig in het gedrang brengt, bijvoorbeeld omdat het noodzakelijke onderzoek te veel tijd vraagt of te ingewikkeld is.
Geen inhoudelijke pensioenbeoordeling
De uitspraak is daarmee vooral procedureel interessant. De commissie zegt niet dat de consument ongelijk heeft. Ook zegt zij niet dat de verzekeraar niets te verwijten valt. De beslissing blijft daarvoor staan: de klacht is niet-behandelbaar. Daarmee eindigt de procedure bij Kifid zonder inhoudelijk oordeel over de indexatie, het toeslagendepot, de gestelde onttrekkingen en de vraag of de verzekeraar daarvoor verantwoordelijk kan worden gehouden.
Dat is voor consumenten een belangrijk onderscheid. “Niet-behandelbaar” is iets anders dan “ongegrond”. Bij een ongegronde klacht heeft de commissie de zaak inhoudelijk beoordeeld en de vordering afgewezen. Bij niet-behandelbaarheid komt de commissie daar juist niet aan toe. De consument behoudt in beginsel nog de mogelijkheid de zaak aan de rechter voor te leggen. Ook in het huidige Kifid-reglement wordt uitgegaan van formele behandelbaarheidscriteria naast de inhoudelijke beoordeling van klachten.
Waarom deze uitspraak opvalt
De meeste niet-behandelbaarheidsbeslissingen bij Kifid hebben een herkenbare formele oorzaak: de klacht is te laat ingediend, de zaak ligt al bij de rechter, de financiële dienstverlener valt niet onder de bevoegdheid van Kifid, of de klacht voldoet niet aan de definitie van een klacht die Kifid mag behandelen. Deze uitspraak is anders. Hier is niet zozeer sprake van een eenvoudig formeel beletsel, maar van een inhoudelijke complexiteit die zó groot wordt geacht dat Kifid de klacht niet behandelt.
Dat maakt de uitspraak relevant voor pensioenkwesties en andere langlopende financiële dossiers. Juist bij pensioenregelingen kunnen feiten en verantwoordelijkheden zich over vele jaren uitstrekken. Denk aan wisselingen van uitvoerder, liquidatie van een pensioenfonds, overdracht van verplichtingen, depots, toeslagbeleid, financieringsafspraken en besluiten die jaren vóór de huidige uitvoeringsrelatie zijn genomen. Als voor de beoordeling feitelijk een historische reconstructie nodig is, kan Kifid kennelijk tot het oordeel komen dat de klacht buiten het bereik van de procedure valt.
Bron: Kifid
Fintool
info@fintool.nl
085 111 89 99