Bevestig uw aanmelding

U ontvangt nu een e-mailbericht van waaruit u uw aanmelding moet bevestigen. Zonder deze bevestiging ontvangt u niet dagelijks actuele en praktische informatie. Doe het gelijk even!

Stuur mij dagelijks actuele en praktische informatie
Bekijk alle diensten
3 feb 2020 Nieuws

Krediethypotheken en 1 huiseigenaar

Partijen hebben in het kader van een affectieve relatie samengewoond. In 2007 is de man ingetrokken in de woning van de vrouw. In 2008 zijn zij een notarieel verleden samenlevingsovereenkomst - hierna de overeenkomst - overeengekomen.
  • Dagelijkse e-mail nieuwsbrief
  • Kennisbank met 1000+ artikelen
  • Rekenmodellen en downloads
  • Persoonlijk archief
  • Inclusief Permanent Actueel module!!

Partijen zijn in de loop van 2014 feitelijk gescheiden gaan leven (einde gemeenschappelijke huishouding). De man heeft de overeenkomst opgezegd per 20 oktober 2015.

In de overeenkomst zijn partijen onder meer overeengekomen dat zij naar evenredigheid van hun inkomen bijdragen in de kosten van de gemeenschappelijke huishouding, waaronder (aldus artikel 6 lid 3 jo 4 lid 3: uitsluitend) de hypotheekrente van de woning indien die woning eigendom is van één van partijen én partijen hierin gezamenlijk wonen.

Krediethypotheek

Partijen zijn op hun beider namen in 2008 een krediethypotheek ad EUR 90.000 aangegaan met als onderpand de woning van de vrouw. De rechtbank stelt voorop dat indien genoemde geldlening geheel in de woning van de vrouw is geïnvesteerd, de vrouw geen vergoedingsrecht jegens de man heeft vanwege de investering in haar eigen woning.

En omgekeerd evenmin. Immers, anders dan de man stelt, indien het hypothecair krediet volledig in de woning van de vrouw is geïnvesteerd, heeft de man evenmin een vergoedingsrecht vanwege het risico van de investering mede op zijn naam als hoofdelijk schuldenaar. Hij is immers geen (mede)eigenaar van de woning.

De gelden zijn in dat geval in de woning van de vrouw geïnvesteerd en niet relevant is of en in hoeverre deze investering mede op naam van de man als hoofdelijk schuldenaar bijdraagt aan (een in casu gebleken positieve) waarde-ontwikkeling van de woning van de vrouw.

Verkoop woning

De vrouw heeft haar woning in 2019 verkocht onder aflossing van onder meer genoemde krediethypotheek en met behoud van de haar als enige van partijen als woningeigenaar toevallende overwaarde.

Onvolledige administratie

De stelling en vordering van de vrouw is dat schattenderwijs 2/3 van de krediethypotheek of, aldus de dagvaarding, EUR 51.000, consumptief door partijen is verbruikt en dat de man, als mede hoofdelijk schuldenaar voor deze gedeeltelijk consumptief aangewende geldlening, op grond van de interne draagplicht tussen partijen, na het eindigen van het samenleven van partijen, de helft van genoemde hypothecaire geldlening voor zover door partijen consumptief besteed, aan haar dient te vergoeden, nu zij als enige van partijen de lening geheel afloste bij de verkoop van haar woning.

De man heeft zijn stelling dat hij met uit een eerdere relatie overgehouden (privé) vermogen, gelden in de (verbetering van de) woning van de vrouw heeft geïnvesteerd niet op enigerlei wijze onderbouwd.

Slotsom

De slotsom is dat de rechtbank het er voor houdt dat partijen kennelijk een gedeelte van de krediethypotheek consumptief aanwendden (via vertering en/of schuldaflossing) en dat zij hoofdelijk aansprakelijk waren voor deze inmiddels door de vrouw geheel afgeloste geldlening waarvan de woning van de vrouw gold als onderpand.

Omdat de hoogte van het bedrag dat partijen consumptief aanwendden niet is vast te stellen, sluit de rechtbank ex aequo et bono aan bij de door partijen gekozen/geaccordeerde fiscale verantwoording blijkens de overgelegde belastingbescheiden en gaat zij er van uit dat partijen kennelijk EUR 25.000 consumptief aanwendden. Dat betekent dat de man gehouden is tot een vergoeding van EUR 12.500 aan de vrouw.

Fiscale afwijking

De rechtbank sluit overigens niet uit dat partijen een aanzienlijk groter bedrag consumptief hebben besteed en mogelijk fiscaal bewust een te laag fiscaal als consumptieve besteding hebben verantwoord teneinde een zo hoog mogelijke fiscale aftrek te genieten, omdat de door de vrouw overgelegde facturen qua woninginvestering in de verste verte niet het bedrag van EUR 65.000 benaderen en ook de man in dit opzicht niets heeft onderbouwd.

Beslissing

De man moet aan de vrouw EUR 12.500 vergoeden (zijnde de helft van het consumptieve krediet ad €25.000).

 

Bron: Rechtspraak.nl

Downloads

Downloads zijn alleen beschikbaar voor abonnees. Log graag in of neem een abonnement.

Lees ook…

Zorg voor ontslag hoofdelijke aansprakelijkheid bij echtscheiding van PL/DK's

Een consument heeft verzocht om verwijdering van een BKR registratie. a echtscheiding zou de ex-man het krediet op zijn naam laten zetten. Dat bleek hij niet te hebben gedaan. Vanaf 2011 ontstaan er achterstanden waar betrokkene niet van op de hoogte is gesteld.

Boeterente bij ontslag hoofdelijke aansprakelijkheid ex-partner

Een consument wil de helft van zijn geldlening afsluiten tegen de actuele marktrente. Consument stelt dat de Bank geen rekening houdt met het feit dat de ex-partner van Consument haar deel van de woning aan Consument heeft verkocht en juridisch heeft geleverd.

Adresgegevens

Fintool
Vlinderweg 2 | Unit 0.24
2623 AX Delft

Telefoon 085 - 111 89 99
Telefax 085 - 111 88 80
E-mail: info@fintool.nl

Fintool bv © 2003/2021. Alle rechten voorbehouden.
Lees graag de leveringsvoorwaarden en het privacy reglement.