22 aug 2018 Nieuws

Opgave geldverstrekker onjuist

Een consument wenst rechten te ontlenen aan een eerdere mededeling van de geldverstrekker richting de notaris dat de geldlening was afgelost. De Bank heeft zich op het standpunt gesteld dat zij een fout heeft gemaakt, maar dat deze fout de Bank niet bindt.
  • Dagelijkse e-mail nieuwsbrief
  • Kennisbank met 1000+ artikelen
  • Rekenmodellen en downloads
  • Persoonlijk archief
  • Inclusief Permanent Actueel module!!

Royement

De Commissie stelt vast dat de Bank in de brief waarin zij de volmacht tot royement van het hypotheekrecht gaf, heeft aangegeven dat de geldlening volledig was afgelost. In de kern is de vraag of Consument gerechtvaardigd vertrouwen mocht ontlenen aan die mededeling van de Bank aan de notaris.

BW

Om de onderhavige vraag te kunnen beantwoorden dient de Commissie bij de beoordeling uit te gaan van het in artikel 3:35 van het Burgerlijk Wetboek (‘BW’) bepaalde: “Tegen hem die eens anders verklaring of gedraging, overeenkomstig de zin die hij daaraan onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht toekennen, heeft opgevat als een door die ander tot hem gerichte verklaring van een bepaalde strekking, kan geen beroep worden gedaan op het ontbreken van een met deze verklaring overeenstemmende wil.”

De geciteerde wettekst houdt in dat de Bank gebonden is aan haar mededeling voor zover Consument er redelijkerwijs op mocht vertrouwen dat die mededeling de werkelijke bedoeling van de Bank weergaf.

De toepassing van artikel 3:35 BW brengt met zich dat van Consument mag worden verwacht dat zij onderzoek doet naar de ware bedoelingen van de Bank indien daarvoor in de gegeven omstandigheden aanleiding bestaat. Voor onderzoek zal aanleiding bestaan indien sprake is van omstandigheden die het minder waarschijnlijk maken dat de afgelegde verklaring in de door Consument begrepen zin bedoeld is. Rekening moet worden gehouden met alle omstandigheden van het geval, zoals de aard van de rechtshandeling, de bijzondere deskundigheid of ondeskundigheid van partijen, de mogelijkheid van nader onderzoek naar de wil van de declarant en de met de handeling verbonden voor- en nadelen voor de bij de handeling betrokken partijen.

Kennis aan zijde consument

In de gegeven omstandigheden oordeelt de Commissie dat Consument niet mocht vertrouwen op de juistheid van de verklaring van de Bank aan de notaris. Consument heeft erkend dat hij van het bestaan van de hypothecaire geldlening op de hoogte was. Naar het oordeel van de Commissie had hij aan de hand van bankafschriften, hypotheekjaaropgaven en de opgaven van de inkomstenbelasting bovendien kunnen en moeten weten dat er geen financieel product was afgesloten van waaruit de aflossing van de hypothecaire geldlening zou kunnen worden voldaan. De Commissie oordeelt dat Consument in die omstandigheden niet zonder meer mocht vertrouwen op de uiting van de Bank aan de notaris dat de geldlening was afgelost. Het had op weg van Consument gelegen navraag bij de Bank te doen hoe de hypothecaire geldlening was afgelost. Doordat Consument dit heeft nagelaten, komt hem geen beroep toe op de mededeling van de Bank. Daarbij dient in aanmerking genomen te worden dat Consument door de onjuiste mededeling geen financieel nadeel heeft ondervonden. Wel is de Commissie van oordeel dat de Bank in vervolg op het verstrekken van de royementsverklaring Consument direct had dienen te informeren over de nog openstaande geldlening

Beslissing

De Commissie wijst de vordering van Consument af.

 

Bron; Kifid

Downloads

Downloads zijn alleen beschikbaar als u bent ingelogd. Log graag in of neem een abonnement.

Lees ook…

Onjuiste mededeling verzekeraar leidt niet tot schadevergoeding

Tussen partijen staat vast dat Verzekeraar ten onrechte aan Consument heeft medegedeeld dat er sprake was van een onbelast saldo van € 10.890,72. Op basis van de voorhanden zijnde stukken komt de Commissie echter tot de conclusie dat Consument redelijkerwijs op de hoogte had kunnen en dus moeten zijn dat de mededeling ten aanzien van het onbelaste saldo onjuist was.

Kifid: adviseur aansprakelijk voor onjuiste informatie verzekeraar

Een consument heeft zich tot zijn adviseur gewend in het kader van de financiering van de overbedelingsvordering die zijn ex-partner op hem had verkregen. De vraag lag voor of de bestaande hypothecaire geldlening verhoogd of overgesloten zou worden. De adviseur is in dat kader afgegaan op een onjuiste mededeling van de verzekeraar over de aan de bestaande hypotheek gekoppelde spaarverzekering.

Kifid: onjuiste opgave boeterente als gevolg van computerstoring niet geldig

Consument heeft medio 2016 getracht zijn hypothecaire geldlening intern over te sluiten. Wegens een storing in de computersystemen van de Bank is daarbij ten onrechte de verschuldigde vergoedingsrente op nihil gesteld. Consument vordert dat hij geen vergoedingsrente verschuldigd is.

Kifid: verzekeringnemer kon aan onjuiste voorwaarden geen rechten ontlenen

Verzekeringnemer had een verzekering gesloten die recht geeft op een eenmalige uitkering indien zich een bepaalde aandoening voordoet. Volgens de polis staan de gedekte aandoeningen in de voorwaarden.

Ongunstig echtscheidingsconvenant wegens onjuiste opgave verzekeraar

Als gevolg van een onjuiste fiscale opgave door verzekeraar van een levensverzekering van consument, is er bij de opstelling van het echtscheidingsconvenant uitgegaan van de onjuiste, want te hoge waarde. De ex-partner heeft hierdoor een te hoge vergoeding van consument gekregen (en weigert deze nu terug te betalen).

Onjuiste opgave pensioenverzekeraar voor rekening pensioenuitvoerder

De Commissie stelt vast dat tussen partijen niet ter discussie staat dat, hoewel de fout tot een evident ander bedrag leidt, dit voor Consument niet kenbaar was of behoefde te zijn, omdat immers sprake is van ingewikkelde berekeningen.

Rubrieken

Dossiers

Opvoerdatum

22 aug 2018

Laatst gewijzigd

22 aug 2018